Pinot Grigio om kwart voor tien ‘s ochtends

“Eh, goedemorgen, wij hebben een afspraak met de exportdirecteur,” maken wij aan de receptioniste duidelijk. We hebben ons zojuist (09:00 uur) door de regen een weg gevonden naar de hoofdingang van het gigantische complex van wijnproducent Mezzacorona in Trentino-Alto Adige.

In rap Italiaans wordt er gebeld en we worden gevraagd even plaats te nemen. We verwonderen ons over de veelheid aan merken die hier aan de muur zijn geafficheerd en op deze plek kennelijk gebotteld en in dozen gepakt deze productiefaciliteiten verlaten. Naast MezzaCorona zelf wordt hier ook Rotari gemaakt, bij ons vooral bekend van de fijne bubbels, maar ook merken die we helemaal niet in verband brengen met deze streek, zoals Fuedo Arancio uit Sicilië.

We worden begroet door een energieke jonge dame, die zich voorstelt als de assistente van de exportdirecteur; zij zal ons eerst een korte rondleiding geven, alvorens onze ‘afspraak’ zich tijdens de proeverij bij ons voegt.
Na wat wetenswaardigheden over de streek, de site en het aantal aangesloten wijngaardeniers – MezzaCorona is van oudsher een coöperatie en is heden ten dage nog altijd het middelpunt van de samenwerking van maar liefst 1.600 wijnboeren met overwegend kleine en met de hand bewerkte wijngaarden – betreden we het ‘voorportaal’ van de productiefaciliteit, namelijk de hal met de persen. Niet minder dan 15 pneumatische persen staan hier opgelijnd om grote aantallen druiven van verschillend ras en verschillende kwaliteit te ontvangen en liefdevol samen te drukken. Een dikke bundel roestvrijstalen leidingen voert de most door de muur naar het ‘heilige der heiligen’: een gigantische ondergrondse gang van ca. 300 meter met honderden roestvrijstalen vaten, voor het klaren, fermenteren en opslaan van de wijn.

“Hier maken en bewaren we alleen onze witte wijnen,” legt onze kundige gids met enige trots uit, “straks toon ik jullie de productie voor rode wijnen, en daarna die van de mousserende,” gaat ze voort. Op deze schaal hebben we nog nooit wijnproductie gezien. De vaten, variërend van 30.000 tot maar liefst 120.000 liter, torenen hoog boven ons uit, in deze kathedraal van wijn. Alles blinkt, is brandschoon en keurig geordend. “We werken hier heel schoon en met de modernste technieken, om zo veel mogelijk de pure en karakteristieke smaak van de druif in de wijn te krijgen,” licht ze toe. “We hebben wel houten vaten hoor, maar het grootste deel van onze productie is fruitgedreven; niet ‘bedekt’ door houtrijping.” Dat er inderdaad wel ‘hout’ beschikbaar is, zien we even later, in een zéér forse vatenruimte, met tientallen zeer grote foeders en enkele honderden kleinere eiken vaten van zeer uiteenlopende tonneliers. “We bepalen het effect van het hout, door het een tijdje in water te weken en dan het water te proeven. Onze wijnmakers selecteren voor elke wijn het passende type vat,” verklaart onze gids de veelheid aan soorten vaten. Onze toch al niet geringe verwondering blijft verder groeien. Na het beklimmen van best veel trappen – zij doet dat erg vlug en behendig; wij moeten bovenaan elke trap even gauw een foto nemen, om stiekem op adem te komen – bereiken we het bordes dat ons bovenlangs de gigantische vaten voor de rode wijnen voert. “De witte wijn produceren we grotendeels ondergronds, vanwege de noodzakelijke koeling; de rode wijnen staan meer bovengronds,” vervolgt ze haar uitleg. “En alle materialen voor het maken van deze faciliteit komen hier uit de regio, en we hebben geprobeerd om deze site zo veel mogelijk in het landschap in te passen,” vervolgt ze. Het is inderdaad indrukwekkend: van buitenaf zie je een half verzonken lang gebouw, deels bedekt met gras en een kleine langgerekte wijngaard. Dat daar zo’n waanzinnig grote faciliteit achter en onder ligt, kun je je haast niet voorstellen. Ruim 300 mensen werken hier op de site; bijna 3.000 personen – uiteraard ook de wijngaardeniers en hun gezinnen – zijn betrokken bij de productie.

De schaal van de productie wordt nog eens benadrukt door de kelder waar de mousserende wijnen worden gemaakt. De 14 miljoen flessen bubbels die hier in rekken liggen te rijpen, de tientallen machines die de giropallets kantelen om de gist richting de kroonkurk te sturen en de afvullijn ten behoeve van de ‘tirage’ die duizenden flessen per uur kan verwerken. Het duizelt ons een beetje. We voelen ons klein en nietig, geconfronteerd met zo veel ‘enormiteit’. Maar onze vriendelijke gids, die ongetwijfeld reeds lang aan deze schaal is gewend, houd ‘t luchtig en gezellig voor ons. Ze leidt ons aan het einde van de tour naar een zéér fraaie ruimte (groot genoeg en ook daadwerkelijk gebruikt voor bruiloften en partijen) waar een bescheiden proefbalie is opgesteld en ons fonkelend glaswerk staat op te wachten. Het is inmiddels 09:45 uur en we steken onze neus verwachtingsvol in het eerste glas, een Castel Firmian Pinot Grigio. Ondanks het vroege uur zijn we meteen ‘om’. Fijne zuivere geuren vullen ons neuzen, frisse zuren verfrissen onze mond. Dit zijn inderdaad heel pure wijnen, vol fruit en expressie van de kalkrijke bodem hier in het noorden van Italië. We proeven achtereenvolgens de pinot grigio (tout court en riserva), sauvignon blanc, gewürztraminer, een zachtzoete moscato giallo, rosé van lagrein en dan de rode: marzemino, natuurlijk een teroldego rotaliano en tot slot een merlot. Alleen met de lagrein hadden we wat moeite, maar de rest van de wijnen waren in één woord: héérlijk! We hadden op voorhand doorgegeven, dat we graag met deze ‘lijn’, de Castel Firmian-lijn, wilde gaan werken. Het basisniveau van deze wijnen is ronduit hoog, terwijl de consumentenprijs nog ruim onder de € 10,- blijft.

De exportdirecteur voegt zich bij ons, en tot onze verbazing worden we in het vloeiend Nederlands te woord gestaan. Nederlander Anthony Bijleveld is hier sinds 2006 verantwoordelijk voor de positionering en export van de wijnen naar o.a. Duitsland, Nederland, Scandinavië, Japan en vooral ook de VS. Het gesprek gaat in het rap Nederlands voort, enthousiast als we zijn over onze indrukken en de kwaliteit van de wijnen. Anthony maakt ons beeld van het bedrijf, de filosofie en de wijnen compleet. We zijn erg onder de indruk, ook van de vriendelijkheid en hoffelijkheid waarmee we zijn ontvangen en begeleid. We voelen ons een beetje schuldig naar onze gids, die het vlotte Nederlands (dat van Anthony met een mooie zangerig Italiaans accentje) niet kan verstaan. Beiden doen ons uitgeleide, via de prachtig ingerichte winkel die hier voor de lokale horeca en gasten ook echt als serieus verkooppunt dienst doet. We waren al overdonderd door de gastvrijheid en egards van onze ontvangst en begeleiding; we kregen echter blosjes op te wangen en raakte vertederd toen Anthony ook nog één en ander aanbood als afscheidscadeautje. En onze gids, die – terwijl wij met Anthony door de shop liepen – snel even naar kantoor was gerend om voor ons folders van de Castel Firmian-lijn en de Rotari-wijnen te halen en ons nu bij het afscheid weer stond op te wachten.

Een beetje overdonderd stonden wij om 11:30 uur weer bij onze auto, vol indrukken en ontzag, vertroeteld en werkelijk zeer gastvrij ontvangen. Wat een top-ervaring!